Forum GelderlandPraat, denk en doe mee

Blogs

  • Studentenproject Wonen voor starters

    Lars Stevenson 17-04-2018 1 reacties

    Als deel van het vak Ruimtelijke Ontwikkeling van het derde jaar van de opleiding Geografie, Planologie & Milieu van de Radboud Universiteit mochten wij meedenken over het thema wonen binnen de omgevingsvisie van de provincie. In twee maanden tijd hebben wij binnen het thema wonen onderzoek gedaan naar de manieren waarop ervoor gezorgd kan worden dat starters die in het Rijk van Nijmegen wonen ook in de toekomst willen én kunnen blijven wonen.


    Uit onze bevindingen kwamen een aantal in onze ogen belangrijke punten naar voren als het gaat om een visie voor wonen voor starters, niet alleen in het Rijk van Nijmegen maar voor heel Gelderland. Als eerste wil ik op het belang van binding wijzen bij het kiezen van een woonlocatie. Als het gaat om het bepalen van geschikte locaties om te wonen of nieuw te bouwen wordt er vooral gekeken naar voorzieningen: Is er een goede supermarkt in de buurt? Is er een verbinding met het OV? Dit is slechts een aspect van wonen, maar bepaalt niet geheel de keuze voor een woonplek. Belangrijke aspecten die veel moeilijker objectief te bepalen zijn en daardoor waarschijnlijk minder meegenomen worden zijn binding met het sociale netwerk of binding met bepaalde plaatsen. De vrienden van je studie wonen hier, je familie woont in de buurt of je bent opgegroeid in deze buurt. Allemaal redenen die niet kijken naar de goede busverbinding, de aanwezigheid van een bioscoop of andere voorzieningen maar die uitgaan van een persoonlijke binding. In rapporten over geschikte bouwlocaties en visies voor wonen voor starters zouden ook deze punten meegenomen moeten worden: kijk verder dan de objectieve ruimte en neem ook de binding met deze ruimte mee.

    Verder wil ik ook wijzen op het belang van het bouwen voor de toekomst. Hiermee bedoel ik dat de huizen nu bouwen ook geschikt moeten zijn voor toekomstige wensen en eisen. Dit klinkt paradoxaal want we kunnen nu niet weten wat de eisen van de toekomst zullen zijn. Toch zijn er wel trends te voorspellen én kunnen we met de kennis van nu wel anticiperen op toekomstige eisen. Het meest gemakkelijke voorbeeld is het aansluiten van huizen op gas. Dat gebeurde twintig jaar geleden gewoon nog standaard. Ook toen waren ze bewust van het feit dat de gasvoorraden op zouden raken en dat het ooit anders zou moeten. Toch is er toen niet gebouwd voor de toekomst waardoor er nu grote aanpassingen aan een huizenvoorraad van slechts twintig jaar oud gedaan moeten worden. Dat dit het liefst voorkomen moet worden bij toekomstige nieuwbouw is evident, maar op welke manier is een moeilijkere vraag. Met de kennis van nu kan wel gesteld worden dat toekomstige woningen energieneutraal moeten worden en zuiniger zullen moeten omgaan met grondstoffen. Maar ook trends zoals ‘shared economy’ kunnen overwogen worden. Hierbij gaat het om het delen van producten die niet individueel noodzakelijk zijn. Greenwheels of bijvoorbeeld de OV-fiets zijn hier goede voorbeelden van, maar dit kan je veel verder trekken naar bijvoorbeeld een wijk waarbij huizen kleiner zijn maar wel samen een aantal flexplekken en logeerkamers delen of waarbij je alle ruimtes in een huis deelt.  Hierdoor zullen er minder spullen nodig zijn en zullen de grondstoffen die nodig zijn efficiënter worden ingezet.(Een mooi voorbeeld hiervan is het artikel over co-living van afgelopen zondag in de trouw, https://www.trouw.nl/samenleving/co-living-woongroepen-dertigers-delen-een-huis-weer-met-huisgenoten-met-dank-aan-stijgende-huren~ad76bdb0/)

    Deze uitdagingen zijn niet gemakkelijk op te lossen. Het vraagt om een aanpassing in de mindset van betrokken actoren. Niet alleen voor overheden betekent dit anders omgaan met nieuwbouw en het bepalen van geschikte locaties voor starters. Ook voor starters zelf zal het wonen op een manier die beter aansluit bij de toekomst een omslag zijn: Zij zullen niet de woningen die nu gebruikelijk zijn gaan bewonen, maar een woning van de toekomst. Er is niet één oplossing die door de provincie gebruikt kan worden, maar het is denk ik wel belangrijk om deze uitdagingen die tegelijk ook kansen kunnen zijn mee te nemen bij het opstellen van de omgevingsvisie voor het thema wonen.

    Lars Stevenson

    Student Geografie, Planologie & Milieu

    Radboud Universiteit

  • Gelderse circulaire estafette, doe mee!

    bert lagerweij 19-03-2018 0 reacties

    Doe mee met de Gelderse circulaire estafette!

    In Nijmegen is het sinds 2014 een begrip: het duurzame estafettestokje. Als betrokken duurzame Nijmegenaar was ik er vanaf het begin bij betrokken. Het begon met een estafette op louter spierkracht van Nijmegen naar Kopenhagen toen Nijmegen voor het eerst een poging deed om Green Capital te worden.

    Inmiddels is het stokje 60 keer overhandigd in de stad. De stichting Green Challenges, waar ik deel van uit maak, coördineert dit stokje en draagt er zorg voor dat de houders in de spotlight worden gezet.


    Aangestoken door dit succes en om de provincie te betrekken bij Nijmegen European Green Capital 2018, besloten de stichting Green Challengesen de provincie Gelderland tot een estafette door heel Gelderland.

    In overleg met de provincie veranderden we het woord ‘duurzaam’ in ‘circulair’, omdat we juist die initiatieven dit jaar extra in de spotlights willen zetten. De Gelderse circulaire estafette ging van start. En het goede nieuws: u kunt nog circulaire initiatieven of projecten aanmelden om mee te doen!

    Geen afval verspillen

    In een circulaire economie gaat het er om geen afval te verspillen en gebruik te maken van hernieuwbare energiebronnen, zoals zonne- en windenergie. Gelukkig zijn er veel goede voorbeelden te vinden in Gelderland. Het eerste estafettestokje ging naar de gemeente Apeldoorn voor de circulaire aanbesteding van de woonwijk De Parken. De gemeente Brummen meldde zich ook voor het estafettestokje. De papierindustrie zuivert daar in Eerbeek afvalwater, zodat het kan worden hergebruikt en ook de reststromen die bij die zuivering vrijkomen worden benut. Weer een mooi voorbeeld. De gemeenten Rheden en Lochem sloten zich ook aan bij de circulaire estafette. Beide gemeenten zetten verschillende ondernemingen in de schijnwerpers. Op onze website www.gelderse-circulaire-estafette.nl is het allemaal terug te lezen.

    Inspirerende voorbeelden

    Het zijn niet alleen gemeenten die zich kunnen aanmelden voor de Gelderse circulaire estafette. Kent u een mooi Gelders circulair project, laat het ons dan vooral weten. Met deze estafette willen we anderen inspireren meer circulair te denken of te ondernemen. Laat ons stokje dus vooral in vliegende vaart rondgaan door de provincie. Aanmelden kan via info@greencapitalchallenges.nl

    Doe mee!

    Bert Lagerweij, Nijmegen, 16 maart 2018

  • Naar een duurzaam huis (Jan Jacob van Dijk, vlog 5)

    De afgelopen weken heb ik verteld over mijn belevenissen met het verduurzamen van mijn woning. In dit filmpje deel ik de lessen die ik hieruit trek als gedeputeerde. Belangrijkste conclusie is dat het als woningeigenaar erg ingewikkeld is om dit alleen te doen. Vandaar ook dat we bezig zijn met de wijken van de toekomst om dit op wijkniveau op te pakken. Ook kunnen energiecoöperaties hier een waardevolle rol in spelen.

    Bekijk hier vlog 5

  • Blog van Uko Post: Hoe bevorder je duurzaam gedrag?

    De gaskraan in Groningen gaat dicht, Nederland moet op zoek naar andere energievormen. Gemeenten zijn aan zet om binnen vijf jaar met wijkplannen te komen. De tijd is echter voorbij dat we van bovenaf gaan opleggen wat die andere energievorm moet zijn. Mensen mogen zelf kiezen. Maar hoe krijgen we mensen zover dat ze gaan kiezen? Wat motiveert mensen tot duurzaam gedrag? Hierover organiseerde de provincie Gelderland op 5 februari een kenniscafé.

    We denken vaak dat kennis de oplossing is en dat ook geld cruciaal is. Deze factoren zijn echter niet van doorslaggevend belang. Uit onderzoek blijkt dat mensen duurzaam willen doen omdat ze het zelf belangrijk vinden. Ze moeten er zelf van overtuigd zijn dat het nut heeft om hun gedrag te veranderen. Mensen verbinden dat dan aan hun identiteit en dat bepaalt dan weer hun toekomstig gedrag.

    Daarnaast speelt ook de sociale omgeving mee. Denk dan aan de buurt, dat kan een sterke motivator zijn. Mensen zijn enthousiast voor een initiatief “om mee te doen”. Het ideële (duurzame) motief is minder belangrijk. Je gebruikt dan de sociale binding die er in de buurt al is.

    Dit sluit goed aan bij het verhaal dat Jan Rotmans onlangs vertelde. Hij was spreker op het jaarcongres van het Gelders Energieakkoord. Hij maakte duidelijk dat de energietransitie vooral een mentaal punt is. Het zit tussen de oren. Het gaat niet om techniek, maar om mensen.

    Er is daarnaast lef, moed en leiderschap nodig en een roadmap – een inspirerend vergezicht. Daarmee kun je mensen overhalen de juiste beslissingen te nemen. Gas is in korte tijd in het verdomhoekje beland. We zijn hekkensluiter in Europa als je kijkt naar hoeveel duurzame energie we opwekken.

    Rotmans had goede tips voor de Wijken van de Toekomst. Gelderse gemeenten zijn daarin – samen met de bewoners - aan het pionieren met gasloos. Het gaf mij in ieder geval een helderder beeld op het proces:
    1. Maak woningen gasloos
    2. Isoleer je huis zo goed mogelijk, zodat je minder energie nodig hebt
    3. Wek duurzame energie op
    4. Installeer warmtepompen en zonnepanelen

    Natuurlijk is elke wijk in de praktijk weer anders. Maar de grote lijn is – denk ik – wel hetzelfde: doe het niet centraal en werk van onderop. Op dit moment mag iedereen nog zelf beslissen wanneer hij of zij aardgasloos wordt.

    In Zutphen gaan we binnenkort weer in gesprek met de bewoners van onze proefwijk. Ik neem geen kennis en geld mee. Ik ga kijken wat zij belangrijk vinden en wat er al speelt in hun buurt. Dan maken we hopelijk stappen in de richting van een duurzamere samenleving.

    Uko Post, adviseur Ruimte en Wonen gemeente Zutphen

  • Provincie Gelderland en Gispen maken samen werk van afval

    Vrijdag 2 februari bracht ik een werkbezoek aan meubelfabrikant Gispen in Culemborg. Iedereen kent Gispen om haar designmeubels, maar dat ze die meubels zo ontwerpen dat alle onderdelen kunnen worden hergebruikt is minder bekend.

    Werk maken van afval

    Gispen maakt werk van afval. Dat sluit uitstekend aan bij onze ambitie om van Gelderland de eerste afvalloze provincie van Nederland te maken. We stimuleren ondernemers om afvalloos te werken en geven zelf het goede voorbeeld. Zo hebben we bij de verbouwing van het Provinciehuis samen met Gispen al het oude kantoormeubilair een nieuwe bestemming weten te geven.

    Van oude kasten tot nieuwe lockers

    We zijn begonnen met de quick wins in ons eigen huis. Gispen heeft ons geholpen om oude kasten om te bouwen tot lockers, kledinghangers te zagen uit oude bureaubladen en kantoormeubilair opnieuw te stofferen. Het merendeel van de oude hoekbureaus en kasten uit het Huis der Provincie zijn door Gispen verscheept naar Dakar (Senegal). Daarmee zijn ontwikkelingsorganisaties van meubilair voorzien.

    Tapijttegels krijgen een tweede leven

    Tijdens de verbouwing van het Huis der Provincie hebben we ruim 90% van het materiaal en meubilair aan een tweede leven weten te helpen. Maar ook alle planten en tapijttegels hebben een tweede leven gekregen. Zo is het tapijt uit de tijdelijke kamer van de Commissaris van de Koning gebruikt om een woning van een 18-jarige asielzoeker te stofferen. Het tapijt uit de vergaderkamer van het college werd gelegd in de woning van  iemand die langdurig in een daklozenopvang zat.

    Naar een Groene Industrie

    Gelderland maakt werk van een ‘groene’ industrie waarin afval de nieuwe grondstof is. In 2030 moet de circulaire economie in Gelderland zorgen voor €700 miljoen extra omzet, 5.000 nieuwe banen en 50% minder afval. Goed voor het milieu, goed voor de portemonnee!

    Michiel Scheffer, gedeputeerde (Groene) economie, arbeidsmarkt en Europa

  • Regionale energiestrategie voor het goede gesprek over energietransitie

    Jan Jacob van Dijk 25-01-2018 8 reacties

    Hoe gaan we de energietransitie aanpakken? Het is goed om met elkaar over dit onderwerp van gedachten te wisselen.

    We willen allemaal energieneutraal worden. Daarvoor hebben onze koepels, IPO en VNG samen met Unie van Waterschappen het aanbod gedaan aan het nieuwe kabinet,  staat het in bijna elk coalitieakkoord én werken we samen in het kader van het Gelders EnergieAkkoord. Over de doelstellingen zijn we het dus allemaal eens.

    Waar het mij om gaat is de vraag hoe we hier samen met inwoners, bedrijfsleven, verenigingen en organisaties gestalte aan gaan geven.  Hoe gaan we dat doel bereiken? Wetend dat het niet alleen om technische veranderingen gaat maar juist om een maatschappelijke verandering.  Het vraagt om een andere manier van omgaan met energie.  Energie, die nu nog grotendeels ver van ons met behulp van fossiele brandstoffen wordt geproduceerd, gaan we nu zelf decentraal duurzaam opwekken. En dat gaan we zien en merken in de vorm van zonnepanelen, biomassacentrales en windmolens.

    En die opgave is heel groot als we het huidige niveau van comfort willen behouden. Voor Gelderland is ooit al eens op de achterzijde van een sigarendoosje uitgerekend hoeveel zonnepanelen en windmolens dat voor heel de provincie zou betekenen. Dan gaat het om 20 miljoen daken voor zonnepanelen of 8.000 windmolens. Enorme aantallen.

    Hoe dan wel? Niet alleen in Gelderland maar in heel Nederland werken we aan regionale energiestrategie. Zo’n regionale energiestrategie(RES) vormt een belangrijk instrument bij de klimaatwet en de afspraken die we als gemeenten, provincies, waterschappen en rijk maken om de doelen van het Parijs-akkoord te realiseren.

    Een RES maken we met inwoners, bedrijfsleven, verenigingen en maatschappelijke organisaties en bestuurders en raadsleden op lokaal niveau. We brengen in kaart wat het huidige energieverbruik is en wat er al aan isolatie en duurzame opwek aanwezig is. Vervolgens zetten we daar de ambities naast en dan ontstaat ook het beeld van wat er moet gebeuren.

    We beginnen met energiebesparing. Gemeenten kunnen bepalen dat nieuwbouw zonder aardgasaansluiting en energieneutraal moet worden gebouwd. Daarnaast kunnen gemeenten de energiebesparing bij bedrijven sterker handhaven door meer controles te doen. Dat zet echt zoden aan de dijk.

    Maar ook dan hebben we nog duurzame opwek nodig. In de RES moeten we dat gesprek niet uit de weg gaan. Alles op zee zetten zal niet lukken Er zal ook op land veel moeten gebeuren. 

    Met de huidige stand van zaken van de techniek hebben we globaal vier vormen van duurzame opwek: restwarmte, zonne-energie, biomassa en windmolens. Geen enkele gemeente kan nu al zeggen dat ze één van deze vormen nu al uitsluit. Elke vorm heeft zijn voor- en nadelen. Zo levert een windmolen evenveel op als negen voetbalvelden aan zonnepanelen. En ruimte is schaars in Nederland.

    Dat bedoel ik dan ook met de opmerking dat ik denk dat we niet zonder windmolens kunnen. Want willen we echt werk maken van die energietransitie hebben we ieders inzet en álle bijdragen nodig. We kunnen ons daarom de luxe niet permitteren om bij voorbaat al windmolens uit te sluiten.

    Discussies hierover zijn niet uniek. Op heel veel plekken woedt deze. Het is ook niet simpel. We hebben elkaar heel hard nodig. Wat dat betreft zie ik ook uit naar de toekomstige samenwerking tussen provincie en gemeenten, want daar zijn we het wel over eens: energietransitie zal hoog op de gemeentelijke en provinciale beleidsagenda blijven staan.

    Jan Jacob van Dijk, gedeputeerde Energietransitie provincie Gelderland

  • Naar een duurzaam huis (Jan Jacob van Dijk, vlog 4)

    De volgende stap naar een duurzaam huis: goed opletten, doorvragen en kritisch zijn.
    Als de offerte voor zonnepanelen of een warmtepomp binnen is, dan moet je nog steeds kritisch blijven en opletten. Hoe zit het bijvoorbeeld met btw en subsidies?

    Bekijk hier vlog 4

  • Smeerolie voor het verduurzamen van woningen

    Jan Jacob van Dijk 21-12-2017 0 reacties

    Het verduurzamen van de bestaande woningbouw levert een grote bijdrage aan een energieneutraal Nederland. Een mooie ambitie omdat we op termijn geen aardgas meer willen gebruiken vanwege de verplichtingen van het Akkoord van Parijs. En we moeten snel beginnen met deze ambitie. Maar zoals overal lopen we tegen knelpunten aan. Die knelpunten moeten opgelost worden, anders komen we niet verder. Of dit goede oplossingen zijn, weten we niet helemaal zeker. Maar we moeten een begin maken en ervaring opdoen. Vandaar onze aanpak.

     

    Maatschappelijke opgave

    Het klinkt eenvoudig en het is snel opgeschreven: het verduurzamen van woningen draagt bij aan de energietransitie. Daarbij vergeten we dat het om een maatschappelijke verandering gaat en niet alleen een technische verandering. En om die maatschappelijke verandering op gang te brengen, is grote inzet nodig om mensen mee te nemen. Belangrijk is dat mensen met elkaar op wijkniveau het gesprek voeren, gezamenlijk keuzes maken, maar ook elkaar enthousiasmeren en inspireren.

     

    Wijken van de toekomst

    Dat is de kern van de wijken van de toekomst, een van de activiteiten waar we in investeren. Hoe pak je dat aan, wie betrek je wanneer en wie heeft daarin welke rol. Wat is bijvoorbeeld de rol van een bewonersorganisatie in zo’n proces?  Gaat het om het betrekken van zoveel mogelijk inwoners of is hun doel het creëren van draagvlak? Wat is de rol van de gemeente, de netbeheerder en het lokale bedrijfsleven. Hoe bereid je al die partijen voor op de veranderingen. Veranderingen die verder gaan dan een andere vorm van energievoorziening. Veranderingen in de woonhuizen van mensen zelf; denk aan nieuwe gasfornuizen en geen CV-installaties meer. Veranderingen die tijd en geld kosten en die ingrijpend zijn. Veranderingen die vragen om inwoners daarbij serieus te nemen en voor te bereiden op wat er aan zit te komen.

     

    Vervangen

    Wat betekent dat bijvoorbeeld als een cv-installatie op dit moment stuk gaat en moet worden vervangen? Ik denk dat dan in 99 van de 100 gevallen er een nieuwe gas gestookte ketel wordt geïnstalleerd. Eenvoudigweg, omdat deze meestal als eerste wordt aangeboden en niemand nog heeft nagedacht over alternatieven als warmtepompen of infraroodplaten..En dat geldt ook voor het gasfornuis. Ga maar naar een keukenboer. Het verbaast me hoeveel gasfornuizen er nog staan. Terwijl we weten dat duurzame wijken vaak gasloze wijken zijn. Het aangekondigde onderzoek van Wiebes naar een verbod op gasgestookte ketels klinkt wat dat betreft leuk, maar ik weet niet of dat de oplossing is. We moeten de burgers serieuze alternatieven bieden en ze daarmee verleiden. Wetgeving kan daarbij helpen om als overheid een duidelijk signaal af te geven. Maar op korte termijn vang je met stroop meer vliegen dan met azijn.

     

    Samenwerken

    Het zou mooi zijn als lokale installateurs inspelen op deze vervangingsvraag met duurzame producten. Dat een installateur op zo’n moment juist al duurzame producten aanbiedt bij vervanging. Dat samenspel hebben we nu nodig en dat brengen we in kaart. Het maakt ook duidelijke dat energietransitie meer vraagt dan techniek.

     

    Verantwoordelijkheden

    Het laat daarnaast zien dat energietransitie juist kansen biedt voor het bedrijfsleven. Juist zij moeten aan de bak. Niet alleen voor hun eigen energieverbruik maar vooral in hun aanbod aan klanten. Daar spelen brancheorganisaties een cruciale rol in, zoals Uneto-VNI deze week liet zien. Sinds begin december  kunnen installatie- en bouwbedrijven en aanbieders van duurzame energie opwekking, zoals zonnepanelen en warmtepompen, gebruik maken van de toolbox ‘Slim energie besparen’.  Deze toolbox bevat  communicatiemiddelen die hen helpen om aan te haken bij de uitrol van de slimme meter. Een mooi voorbeeld van weer een kleine stap op weg naar een grotere. Zo hebben we iedereen nodig om de verduurzaming van het woningbezit echt aan te kunnen pakken. 

    Jan Jacob van Dijk,

    Gelders gedeputeerde voor Energietransitie

  • Naar een duurzaam huis (Jan Jacob van Dijk, vlog 3)

    De volgende stap naar een duurzaam huis. Nadat ik advies van het energieloket heb gekregen, heb ik een aantal ondernemers om advies gevraagd en een offerte laten maken. Opvallend was de tegengestelde adviezen die ik van hen kreeg. Daarover vertel ik in deze vlog meer.

    Bekijk hier vlog 3

  • Naar een duurzaam huis (Jan Jacob van Dijk, vlog 2)

    Mijn tweede stap naar een duurzaam huis. Ik ben naar het energieloket @hetnieuwewonenrivierenland gegaan om hen om advies te vragen wat ik in mijn situatie kan doen om mijn huis te verduurzamen. Zij gaven mij een aantal opvallende tips. Welke dat zijn? Dat vertel ik in deze vlog.

    Bekijk hier vlog 2